De inlaat in Wijk bij Duurstede

Aan de oostzijde van Wijk bij Duurstede ligt een kanaal van 350 meter lengte. Dit kanaal komt uit bij het inudatiesluiscomplex. Deze sluis bestaat uit een waterinlaat en een sluis. Sluis en waterinlaat regelen samen de waterhoogte in het eerste deel van de Kromme Rijn.

De inudatiesluis (gebouwd in 1865) is vanaf 1885 in werking. Belangrijkste reden voor de bouw van deze waterinlaat was de aanleg van een tweede ring van forten van de Hollandse Waterlinie. Maar een andere belangrijke reden was verdroging van het achterland tegen te gaan.

Vanaf de sluis stroomt het water van de Nederrijn naar de Kromme Rijn. Merkwaardig genoeg spreken veel officiële bronnen dat het water afkomstig is van de Lek. Helaas voor hun gaat de Nederrijn pas over in de Lek ter hoogte van de oude Molen van Ruysdael. En dat is vlakbij de plek van de dam uit 1122.

Bij de sluis begint ook de officiële wandelroute naar Utrecht. In eerste instantie loopt de wandelaar langs een gegraven kanaal en na zo’n 300 meter gaat deze over in de Kromme Rijn. Vanaf hier wordt de oude loop van de Kromme Rijn opgepakt.

Historie waterinlaat

Na de afdamming van de Kromme Rijn in 1122 stroomde er geen water meer in de rivier. Pas toen Wijk bij Duurstede stadsrechten kreeg en een stadsmuur met grachten aanlegde, ontstond er behoefte aan een waterinlaat voor de grachten. Water dat ook automatisch de Kromme Rijn vulde voor de scheepvaart.

Deze duiker was vanaf 1478 aan de oostzijde van de stad operationeel. Vanaf 1675 is een betere duiker die minder lekte aan de westzijde bij dam in gebruik genomen. In 1988 is deze buiten gebruik genomen.

Van Wijk bij Duurstede naar Cothen