
Die opmerking is meer dan van toepassing op onze dorpswandeling door Bunnik. Zaterdagmiddag 11 juli wandelden 24 geïnteresseerden onder leiding van Bunniks historicus (en Tussen Rijn en Lek bestuurslid) Henk Blok door Bunnik. Bunnik heeft een lange geschiedenis; het wordt al genoemd in archiefstukken uit de 9e eeuw. Na de afdamming van de Kromme Rijn in 1122 konden ook de moeraslanden in deze regio ontwikkeld worden.
Dorpsstraat
We starten in de Dorpsstraat, een van de oudste straten in Bunnik. In de vroege middeleeuwen heette deze straat (toen meer een pad) de Groeneweg. Anno nu is het een moderne winkelstraat. De vele oude foto’s die Henk bij zich had, laten zien dat hier vroeger slechts enkele boerderijen en een paar huizen stonden. Op de hoek van de Dorpsstraat en de straat Het Slot staat nog een oud pand. Het Slot is een redelijk nieuw aangelegde straat, die loopt van de Dorpsstraat naar de boerderij Het Slot. En die oude boerderij staat er gelukkig nog.

Molenweg
De volgende stop is bij de ingang van de Molenweg. We lopen – in verband met de hitte – van schaduwplek naar schaduwplek. De Molenweg behoorde ook tot het oudste stratenplan van Bunnik. In de archieven is te vinden dat Clemens Moor in 1563 een vergunning aanvroeg om een standerdmolen te mogen bouwen.
De molen heeft er lang gestaan. In 1800 is hij vervangen door een stenen stellingmolen. Deze molen (althans de restanten ervan) is recent afgebroken. Er staat nu een appartementencomplex met – in een muur ingemetseld – de herdenkingssteen uit 1800 en balkonhekjes met een graanhalmmotief als herinnering aan de molen.
Wat nog wel bewaard is gebleven in de Molenweg, is de 17e-eeuwse molenaarswoning. Dat is nu een van de weinige echt oude panden in Bunnik. En daar wordt anno nu goed voor gezorgd.
Ter Hul en de Barbarakerk
Op het volgende schaduwplekje vertelde Henk het verhaal van het (middeleeuwse) mini-gerecht Ter Hul, bestaande uit een grote boerderij met omringende landerijen, in het bezit van de familie Van Zijl. Een gerechtstatus had destijds veel voordelen, vooral op het gebied van belastingafdracht. De familie Van Zijl beheerde dit gebiedje eeuwenlang. Zo konden zij hier na de reformatie (in Bunnik in 1596), toen de hervormde godsdienst verplicht werd, besluiten in hun gerecht katholiek te blijven en de missen doorgang te laten vinden in een schuilkerk. De locatie is overigens nog steeds in het bezit van de familie. Van de oude gebouwen is echter niets meer over.
Na de katholieke restauratie halverwege de 19e eeuw was er behoefte aan nieuwe katholieke kerken. Halverwege de 20e eeuw, toen Bunnik sterk uitbreidde, was er behoefte aan een grotere kerkruimte. De markante Barbarakerk werd in 1940 gewijd. Maar “het kan verkeren”, zoals Bredero al zei, want 80 jaar later is besloten dat de Barbarakerk binnenkort gesloten en verkocht wordt. Dat lot deelt de kerk overigens met vier andere kerkgebouwen in het Kromme Rijngebied.
De dorpswandeling eindigde in de schaduw van de grote boom bij het Oude Raedhuis, gebouwd in 1897. Op dit moment staat het pand te koop. Tegenover het Oude Raedhuis staat nog zo’n historisch pand: Het Wapen van Odijk. Er zijn dus in Bunnik gelukkig ook nog zichtbare sporen van een interessant verleden.

Jaren 60 en 70 van de 20e eeuw: alles moest anders!
Nog steeds worden de jaren 60 van de vorige eeuw gezien als het tijdperk van grote vernieuwingen en radicale veranderingen. Alles moest anders, ook in de politiek, zoals de oprichting van D66 aantoont. Men wilde de oorlogsjaren en de wat armoedige opbouwjaren 50 achter zich laten. Daarbij werden naast instituties en tradities ook veel gebouwen, die wij nu als monumentaal zouden benoemen, ontmanteld en afgebroken. Men keek niet om, alleen vooruit! Een enkeling had in die tijd wel oog voor het verleden, bijvoorbeeld de archivaris en beschrijver van de geschiedenis van het Kromme Rijngebied, prof. dr. Cees Dekker, woonachtig in Odijk.
Maar ook de Bunnikse wethouder Jan Oostendorp vond dat men te weinig oog had voor de streekgeschiedenis. Samen besloten ze een historische kring op te richten met als doel: “Bevordering van de kennis van de geschiedenis van het Kromme Rijngebied en stimulering bij de bevolking van de belangstelling voor de geschiedenis in het algemeen.” Het was de start van onze historische kring “Tussen Rijn en Lek” in 1966. Onze jubilerende kring dankt zijn bestaan dus aan een Bunnikse wethouder. Er is veel zichtbaars verdwenen, maar gelukkig hebben we nog de vele boeiende en interessante verhalen uit het verleden. En daar hebben we zaterdagmiddag 11 juli weer volop van kunnen genieten. De deelnemers waren het er unaniem over eens: het was een warme, maar vooral ook leuke en interessante middag, met dank aan Henk Blok.

Lid worden
Voor € 25,- per jaar bent u lid van de Historische Kring Tussen Rijn en Lek. Ontvang de ledennieuwsbrief en vier keer per jaar ons tijdschrift. Bekijk de voordelen van het lidmaatschap.
Word lid
